Selecteer een pagina

Wat gaat er in 2021 en verder wijzigen op het gebied van belastingen, zorg, toeslagen, enzovoorts? We stelden voor u weer een handig overzicht samen.

Dat het belastingplan op punten bijgeschaafd moet worden, is gebruikelijk. Normaal is dat tijdens de behandeling van de plannen in de Tweede Kamer, maar de regering heeft tot het laatste moment zitten schaven en met Prinsjesdag-in-coronatijd al meteen al een nota van wijziging aangekondigd. Bovendien zijn de effecten op de koopkracht en de economie dit jaar afhankelijk van een bijzonder onzekere factor, het coronavirus. Rond kerst zullen de plannen definitief zijn, maar tegen die tijd kunnen we het volgende verwachten..

VOOR IEDEREEN

Inkomstenbelasting

■ Het belastingtarief in box 1 over de eerste € 68.500 daalt met ingang van 2021 met 0,25%. Na 2021 daalt het tarief over de eerste € 68.507 inkomen geleidelijk nog met 0,07% in de periode 2022 tot en met 2024.

■ Het belastingtarief in box 2 wordt verhoogd van 26,25 naar 26,9%.

■ De vrijstellingen, schijfgrenzen en het tarief in box 3 worden aangepast.

■ De algemene heffingskorting gaat in 2021 omhoog van € 2.711 naar € 2.837. Mensen met een inkomen tot € 68.507 profiteren hiervan.

■ De verhoging van de arbeidskorting die voor 2022 was gepland is vervroegd naar 2021. Het maximale bedrag gaat omhoog van € 3.819 naar € 4.205.

■ De ouderenkorting wordt verhoogd van € 1.622 naar € 1.703. Ouderen met een inkomen tot € 49.000 profiteren hiervan.

■ De inkomensafhankelijke combinatiekorting voor ouders met kinderen jonger dan 12 jaar gaat omlaag van € 2.881 naar € 2.815. Reden is een uitspraak van de Hoge Raad, waardoor meer co-ouders in aanmerking komen voor deze heffingskorting. Alle ouders die deze heffingskorting krijgen, gaan er dus indirect aan meebetalen. Vanaf 2022 wordt ze overigens met € 77 verhoogd.

■ Aftrekposten — denk aan hypotheekrenteaftrek, persoonsgebonden aftrekposten (zoals zorgkosten, giften en alimentatie) en ondernemersaftrek (zoals zelfstandigenaftrek en meewerkaftrek) — zijn in 2021 nog maximaal aftrekbaar tegen 43%.

■ De aftrek van scholingsuitgaven vervalt per 2022 en wordt vervangen door een subsidieregeling (STAP-budget).

■ Contante giften zijn vanaf 2021 niet meer aftrekbaar.

Wonen

■ Starters van 18 tot 35 jaar betalen de komende vijf jaar (tot en met 2025) geen overdrachtsbelasting bij aankoop van hun eerste woning. Dat scheelt 2% van de aankoopprijs. Kopers vanaf 35 jaar gaan 2% betalen en beleggers 8%. Het tarief van 8% gaat ook gelden voor onroerend goed dat niet in gebruik is als woning.

■ Huurders van een sociale huurwoning die een huur betalen die te hoog is voor hun inkomen, kunnen vanaf 2021 één keer een huurverlaging aanvragen. De huur moet daarvoor hoger zijn dan € 619,01 (één- en tweepersoonshuishoudens) of € 663,40 (huishoudens van drie of meer personen). De woningcorporatie voert de huurverlaging in principe automatisch door, maar een huurder kan ook een verzoek indienen. De huurverlaging is juridisch afdwingbaar via de Huurcommissie.

■ Het eigenwoningforfait daalt van 0,6% naar 0,5%. Voor zover de WOZ-waarde hoger is dan € 1.110.000 (was € 1.090.000) geldt een eigenwoningforfait van 2,35%.

■ Hypotheekrente is in 2021 nog maximaal aftrekbaar tegen 43% (was 46%).

Zorg

■ De zorgpremie stijgt per 2021 naar verwachting met ongeveer € 5 naar € 123 per maand.

■ Het eigen risico blijft € 385.

■ De zorgtoeslag wordt verhoogd met € 44 voor alleenstaanden en € 99 voor meerpersoonshuishoudens.

VOOR ONDERNEMERS

■ De zelfstandigenaftrek voor IB-ondernemers wordt de komende jaren versneld afgebouwd. In 2020 bedraagt de aftrek nog € 7.030. Volgend jaar is dat € 6.670. Tot 2028 gaat het bedrag jaarlijks met € 360 omlaag, in 2028 met € 390 en daarna jaarlijks € 110. Uiteindelijk zal de zelfstandigenaftrek in 2036 nog maar € 3.240 bedragen.

■ Het lage tarief voor de vennootschapsbelasting wordt verlaagd van 16,5% naar 15% in 2021. Het lage tarief gaat in 2021 gelden voor winst tot € 245.000 in plaats van de huidige € 200.000. Vanaf 2022 geldt het lage tarief voor de eerste € 395.000 winst.

■ De verlaging van het hoge tarief voor de vennootschapsbelasting gaat niet door. Dit tarief blijft 25%.

■ Vanaf 2022 wordt de termijn voor voorwaartse verliesverrekening gewijzigd van 6 jaar naar onbeperkt. Daarbij zijn verliezen tot maximaal € 1 miljoen volledig verrekenbaar.

■ Verrekening van dividendbelasting en kansspelbelasting met vennootschapsbelasting wordt vanaf 2022 beperkt.

■ Er komt een nieuwe investeringsaftrek, de BIK (de ‘Baangerelateerde Investerings Korting’). Bedrijven die investeren kunnen korten op hun loonheffing.

■ Bedrijven die winst maken met vernieuwende activiteiten hoeven minder vennootschapsbelasting te betalen over deze winst door toepassing van de innovatiebox. Het effectieve ‘tarief’ (nu 7%) gaat naar 9%.

■ Via de zogenaamde werkkostenregeling kunnen ondernemers hun werknemers belastingvrije vergoedingen geven. Vanwege de coronacrisis is de vrije ruimte alleen voor 2020 verhoogd van 1,7% naar 3% over de eerste € 400.000 van de loonsom. Daarboven geldt een percentage van 1,2%. Per 2021 bedraagt de maximale belastingvrije vergoeding de eerste € 400.000 weer 1,7%. Over het meerdere wordt het percentage van 1,2% met ingang van 2021 permanent verlaagd naar 1,18%.

■ Vanaf 2023 wordt lenen van de BV aan banden gelegd. Dga’s moeten in box 2 belasting betalen als meer dan € 500.000 van de BV is geleend (eigenwoningschulden zijn daarvan uitgezonderd).

En verder…

■ Ex-werknemers kunnen van hun voormalige werkgever scholing belastingvrij vergoed krijgen, net als werknemers.

■ De CO2-grenzen in de BPM voor personenauto’s worden per 1 januari 2021 verlaagd met 4,2% en de tarieven per gram/km CO2-uitstoot verhoogd met 4,38% (na indexatie).

■ Voor nieuwe emissievrije auto’s, zoals elektrische auto’s, geldt in 2021 een bijtelling van 12% over maximaal € 40.000 (was 8% over maximaal € 45.000). Over het meerdere geldt een bijtelling van 22%. Voor waterstofauto’s geldt de lage bijtelling van 12% over de volledige cataloguswaarde.

■ Voor zonnecelauto’s (elektrische auto’s met zonnepanelen) gaan vanaf 2021 dezelfde regels gelden als voor waterstofauto’s waardoor de bijtelling eveneens uitkomt op 12% ongeacht de catalogusprijs.

■ Het verlaagde tarief voor openbare elektrische laadpalen geldt tot eind 2022 in plaats van tot eind 2020. Dit geldt ook voor het betreffende nultarief voor de Opslag Duurzame Energie- en Klimaattransitie.

■ De postcoderoosregeling (gebruikt voor gezamenlijke investeringen in duurzame energie in de eigen omgeving, bijvoorbeeld zonnepanelen als u geen eigen dak heeft waar u ze op kunt leggen) wordt vervangen door een subsidieregeling. Voor bestaande projecten blijft de postcoderoosregeling nog 15 jaar bestaan.

■ De ODE-tarieven (ODE staat voor ‘opslag duurzame energie- en klimaattransitie’) voor 2021 en 2022 worden verhoogd. Hierdoor wordt de verdeling van het belastingdeel op de energienota tussen huishoudens en bedrijven gedeeltelijk verschoven van huishoudens naar het bedrijfsleven.